Voor veel Limburgers is het een droom: één jaar lang prins of prinses zijn tijdens vastelaovend. De eer, de traditie en de beleving zijn groot. Toch rijst elk jaar opnieuw dezelfde vraag: wat kost het om prins te zijn in Limburg? Achter de feestvreugde gaat namelijk vaak een flink prijskaartje schuil.
Een eenduidig antwoord bestaat niet. De kosten verschillen sterk per vereniging en per plaats. Groot betekent niet automatisch duur, en klein is niet per se goedkoop. Vrijwel overal klinkt dezelfde boodschap: iedereen moet prins kunnen worden. Maar hoe die toegankelijkheid wordt ingevuld, verschilt enorm.
Bij de ene vereniging betekent dit dat de prins nauwelijks zelf hoeft te betalen. Bij de andere wordt vooral bedoeld dat de kosten bespreekbaar zijn, zolang je bereid bent financiële offers te brengen. Zoals een bestuurder het eens treffend verwoordde: “Je moet dat jaar geen grote uitgaven plannen.”
Er zijn verenigingen waar het prinsenschap nauwelijks geld kost. Bij De Tempeleers in Maastricht betaalt de prins in principe niets. De vereniging neemt de kosten op zich en benadrukt dat geld nooit een selectiecriterium is. Eventuele extra’s, zoals een receptie na afloop, zijn vrijwillig.
Ook bij De Sjaopsköp in Horn wordt de prins volledig ontzorgd. Kostuum, drank en vervoer worden geregeld door de vereniging. Het uitgangspunt is helder: vastelaovend moet voor iedereen bereikbaar blijven.
Veel verenigingen kiezen voor een middenweg. Zo ligt de eigen bijdrage bij Kuus oeht Kepèl in Panningen rond de 300 tot 400 euro. In Horst betaalt de prins bij D’n Dreumel ongeveer hetzelfde als de raadsleden. Wel zijn extra consumpties en ontvangsten vaak voor eigen rekening.
In plaatsen als Kessel en Milsbeek kunnen de kosten oplopen tot ongeveer 1.500 euro. Besturen benadrukken dat je het zo duur maakt als je zelf wilt. Luxe is leuk, maar zeker geen verplichting.
Bij grotere verenigingen ligt de verantwoordelijkheid meestal volledig bij de prins. In plaatsen als Maasbracht, Weert en Sittard lopen de bedragen al snel op tot 5.000 à 10.000 euro. Denk aan kostuums, medailles, diners, vervoer en ontvangsten. Voor veel jonge prinsen betekent dat bewuste keuzes maken.
Bij enkele verenigingen, zoals De Pottentaote in Beek, beginnen de kosten rond de 15.000 euro en kunnen ze verder oplopen. Grote ontvangstdagen, prinsenwagens en traktaties voor het publiek maken daar deel uit van de traditie.
In Venlo blijft Jocus bewust vaag over bedragen. Toch is algemeen bekend dat het prinsenschap daar tot de duurste van Limburg behoort, al spelen sponsoren ook een rol.
Hoe hoog de kosten ook zijn, voor veel prinsen en prinsessen weegt de ervaring zwaarder dan het geld. Prins zijn tijdens vastelaovend in Limburg is een unieke belevenis, diep verankerd in de cultuur. En die herinneringen? Die zijn voor velen onbetaalbaar.